11-09 | A

,

B

,

S

12-09 | E

,

S

26-09 | B

A-divisie: de verschillende klassen


Binnen de Nederlandse Truck en Tractor pulling Organisatie (NTTO) worden wedstrijden verreden in verschillende divisies: de A-divisie, de B-divisie, de S-divisie en de T-divisie. Elke divisie kent zijn eigen wedstrijdklassen. In de A-divisie wordt gereden in de vrije klasse 3,5 ton, vrije klasse 4,5 ton, super stock, pro stock, two wheel drive en vrije klasse 950 kilogram.



Vrije klasse 3,5 ton en 4,5 ton


In de vrije klasse is bijna alles geoorloofd, zolang de deelnemer de reglementaire beperkingen op het gebied van lengte en gewicht maar in acht neemt. Bovendien moet hij voldoen aan strenge veiligheidseisen. Amerikaanse V8-motoren - al dan niet voorzien van een mechanische compressor - worden veelvuldig toegepast, maar ook zuigermotoren en turbines afkomstig uit vliegtuigen zijn leveranciers van vele duizenden paardenkrachten. Vermogens van 8000 pk zijn al geen uitzondering meer. Met twee banden van 170 centimeter hoog en 77,5 centimeter breed wordt getracht het vermogen in trekkracht om te zetten. Achterassen, tandwieloverbrengingen en versnellingsbakken worden vaak door de deelnemer zelf gemaakt, want voor dergelijke vermogens is niets passends te koop. Om het vermogen optimaal te kunnen benutten, halen de deelnemers soms ware kunststukjes uit, zodat de liefhebber van techniek zijn hart kan ophalen. De vrije-klassetractoren of ‘modifieds’ rijden in de gewichtsklassen 3,5 en 4,5 ton.

Super stock


In de super stock moet de deelnemer uitgaan van een tractor zoals die in de landbouw wordt gebruikt. Hij moet het motorblok, het koppelingshuis, het versnellingsbakhuis en de achteras van de standaarduitvoering gebruiken, al mag sinds enkele jaren ook een componententractor worden gebouwd. Die beschikt over een frame als bij een vrije-klassetractor, terwijl de meest ‘breekbare’ componenten als transmissie en achteras zijn vervangen door sterkere exemplaren uit bijvoorbeeld trucks. Hoewel de tractoren standaard beschikken over een dieselmotor zie je in deze klasse maar weinig dieselrook meer. De dieselmotor is binnen de mogelijkheden die de reglementen bieden omgebouwd tot een krachtbron met vonkontsteking, waarbij pure methanol de brandstof vormt. Een koelsysteem is niet nodig, omdat de verdampende brandstof veel warmte aan de krachtbron onttrekt. Vermogens van meer dan 3500 pk zijn bij deze ‘alky-burners’ geen uitzondering. Elders in Europa zijn nog altijd enkele diesels actief. Met maximaal vier turbocompressoren, een forse brandstofpomp en waterinjectie bereiken deze potente diesels vermogens tot circa 2000 pk. De machines rijden met een gewicht (inclusief bestuurder) van 3,5 ton.

Pro stock


Net als bij de super stocks moet de deelnemer in deze klasse in principe uitgaan van een tractor zoals die in de landbouw wordt gebruikt. Hij moet het motorblok, het koppelingshuis, het versnellingsbakhuis en de achteras van de standaarduitvoering gebruiken, al mag tegenwoordig ook het componentenprincipe worden gehanteerd. Daarbij mag de deelnemer zelf een versnellingsbak en achteras kiezen en zelf een frame bouwen. Het uiterlijk moet echter nog steeds overeenkomen met de tractor zoals de fabriek die ooit leverde. In tegenstelling tot de super stocks is het aantal turbo’s bij de pro stocks gelimiteerd tot maximaal één en is de cilinderinhoud beperkt tot 8,3 liter. Bovendien moeten ze gebruik maken van de standaard-cilinderkop en mag alleen dieselolie als brandstof worden gebruikt. Met behulp van waterinjectie en vaak ook een tussenkoeler wordt de temperatuur van de inlaatlucht teruggebracht. Een goede ademhaling van de motor staat aan de basis van grote prestaties, want alleen dan kunnen toerentallen van soms wel 6500 tpm worden gehaald. Vermogens van 2000 pk zijn in deze klasse geen uitzondering. De machines rijden met een gewicht (inclusief bestuurder) van 3,5 ton. De banden zijn van de maat 24.5-32 en dus iets smaller dan die van een super stock.

Two wheel drive


In de two wheel drive-klasse moeten de machines zijn voorzien van een carrosserie van een automobiel. De deelnemer is echter heel vrij in zijn keuze; een pick-up, een funny car, een oldtimer, het kan allemaal. Als krachtbron wordt weer gegrepen naar de bekende V8-motor met compressor, waarvan er maximaal één mag worden ingebouwd. Om de ontwikkeling op motorisch gebied wat af te remmen, heeft de Nederlandse organisatie besloten om de klasse te limiteren. Momenteel mag het slagvolume van de motor niet groter zijn dan 500 cubic inch (8,1 liter) voor motoren met hemisferische verbrandingskamers (‘Hemi’s’) en 540 cubic inch (8,8 liter) voor krachtbronnen met wigvormige verbrandingskamers. Met de soms meer dan 2000 paardenkrachten kunnen de flitsend gespoten machines het publiek leuke dingen laten zien. De 2600 kilogram zware two wheel drives zijn vooral bekend om hun spectaculaire ‘wheelies’.

Vrije klasse 950 kg


De deelnemende machines in de vrije klasse 950 kilogram zijn de lichtste soort tractoren die in de Nederlandse A-divisie actief zijn. Ze hebben hun eigen sleepwagen, want deze kleine monsters wegen inclusief chauffeur niet meer dan 950 kilogram. Als krachtbron doet vaak een Amerikaanse V8-motor dienst, die voor grotere prestaties wordt voorzien van een mechanische compressor. Het zijn krachtbronnen die hun oorsprong hebben in de Amerikaanse dragracewereld. Ook tankmotoren en vliegtuigturbines vinden hun toepassing in deze klasse. De sterkste mini’s van Nederland hebben ongeveer 2000 pk tot hun beschikking. Door dit hoge vermogen in verhouding tot het eigengewicht zijn deze kleine en korte machines moeilijk te besturen; ze schieten vaak van links naar rechts over de baan. Met het toenemen van de vermogens wordt het ook steeds moeilijker om de paardenkrachten via de banden in trekkracht om te zetten. De achterassen en eventueel aanwezige versnellingsbakken zijn vaak door de deelnemers zelf ontwikkeld.